Onderbouw 'Bewegingsonderwijs-1'

Het taxispel

 

DOELSTELLINGEN
  • De kinderen zijn in staat om te huppelen op de maat van de muziek.

  • Ze kunnen samen huppelen (tweetallen).

  • Kleuters kunnen klappen op de maat van de muziek.

 

FASE TIJD LEERINHOUD DIDACTISCHE AANPAK
I 3 min. Laat de kinderen rondjes huppelen, als warming-up en als inleiding op het taxispel. 1) De kinderen gaan huppelen door het lokaal, in een grote cirkel. Allemaal dezelfde richting op.
II

 

 

 

3 min.

 

 

 

De muziek aan de kinderen laten horen, waarbij iedereen op de maat van de muziek meeklapt. Vervolgens gaan we huppelen op de maat van de muziek; huppel in eerste instantie met de kinderen mee.  

Als jij klapt, dan staat iedereen stil.

2) Leg uit dat de kinderen gaan huppelen. Laat de muziek horen en vraag aan de kinderen of ze met je mee willen klappen. Huppel op de maat van de muziek en leg uit dat als jij in je handen klapt, zij meteen stil moeten staan. 

3) Klap in je handen en de kinderen stoppen met huppelen. Dit doe je een paar keer. Dan gaat iedereen op de twee banken langs de zijkant van het lokaal zitten. Pak de hoepels en leg deze verspreid door de zaal neer.

III

 

 

 

 

 

 

 

5 min.

 

 

 

 

 

 

 

Uitleg van het taxispel

 

 

 

 

 

 

 

4) Vraag wie wil helpen met het geven van een voorbeeld. Wijs twee kinderen aan die hun vinger opsteken. Zij gaan ieder in een hoepel staan. Start de muziek. Ga zelf al huppelend, op de maat van de muziek, naar het eerste kind. Het andere kind klapt op de muziek mee. Huppel vervolgens hand in hand met het eerste kind naar een lege hoepel en zet hem/haar daar neer. Dan haal je ook het tweede kind op en samen gaan we naar een andere hoepel. 

Stop de muziek en leg dus uit dat je als taxi steeds iemand in een hoepel ophaalt en ergens anders naar toe brengt. Taxi’s kunnen heel goed autorijden, dus die botsen niet!

5) Wijs de taxichauffeurs aan. Zij krijgen een lintje en wachten op de bank. De andere kinderen wachten in een hoepel. Start de muziek en de taxichauffeurs mogen om de beurt vertrekken (ik geef dat aan). De wachtende kinderen klappen in de maat op de muziek.

6) Na 6 minuten wijs je nieuwe taxichauffeurs aan. 

IV

 

 

 

12 min.

 

 

 

Het spelen van het taxispel

Elke taxi neemt een kind mee uit een hoepel, samen huppelen ze verder. De taxi brengt het kind na een tijdje naar een lege hoepel en haalt vervolgens weer een ander kind op. De kinderen die in een hoepel wachten, klappen op de maat van de muziek.

7) De kinderen nemen allemaal plaats op de bank. Vraag hoe ze het spel vonden, ruim de hoepels en de lintjes op en ga terug naar het klaslokaal.

 

 

 

V 5 min. Het spel kort nabespreken en opruimen.  

 

LEERLINGACTIVITEITEN ORGANISATIE & MIDDELEN
Tijdens de ‘inleiding’
  • Huppelen de kinderen door het lokaal in een grote cirkel, allemaal dezelfde richting op.
  • Vervolgens klappen ze in de maat van de muziek en daarna gaan ze huppelen op de muziek.
  • In de handen klappen = stilstaan.
Arrangement:
  • Cassetterecorder/cd speler en de cd 'Bewegingsonderwijs in het speellokaal' nr. 3 (Rineke Tineke Peuleschil)
  • Bandje met muziek.
  • 25 hoepels.
  • 10 lintjes.
Tijdens de uitleg

De kinderen zitten op de banken (tegen de muur van de zaal)  met hun gezicht mijn kant op. Ze kijken en luisteren dus naar mij en naar de paar kinderen die een voorbeeld geven. Twee kinderen helpen met het geven van een voorbeeld.

Opstelling van het materiaal & kinderen

Tijdens de inleiding (warming-up) staan de kinderen in de zaal en tijdens de uitleg van het taxispel zitten de kinderen op de bank. Bij aanvang van het spel (fase IV) is de opstelling als volgt:

Tijdens het spel
  • De kinderen huppelen op de muziek.
  • De kinderen die niet huppelen, klappen met de muziek mee.
  • De kinderen die met een taxi zijn, huppelen met zijn tweetjes.
  • De kinderen botsen niet tegen elkaar aan.

Na afloop

Daarna gaan ze op de bank zitten om na te praten hoe ze het spel vonden.

De kinderen helpen met het opruimen en verzamelen van de lintjes en de hoepels.

De kinderen wachten op de bank tot ze per zestal in tweetallen bij de deur mogen staan om terug te lopen naar het klaslokaal.

Verandering van de opstelling/van het spel

Als de taxi geen kinderen ophaalt/wegbrengt, dan ga jij even met deze taxi mee om te leiden. 

Wanneer een kind niet goed kan huppelen (in de maat van de muziek) of geen taxi wilt zijn, dan hoeft dat ook niet. Niet elk kind hoeft taxi te zijn. Als een kind steeds met hetzelfde been voor huppelt (galoppas) in plaats van om en om, dan laat je dit zo.

Wanneer een kind niet meeklapt met de muziek als het in de hoepel staat, dan ga je er even naast staan en je klapt mee.

Geraadpleegde literatuur: Bewegingsonderwijs in het speellokaal.